Gerechtshof Amsterdam 7 februari 2017 (Reformatorisch Dagblad), ECLI:NL:GHAMS:2017:365

Gerechtshof Amsterdam 7 februari 2017 (Reformatorisch Dagblad), ECLI:NL:GHAMS:2017:365

Hiervoor is reeds geoordeeld dat onrechtmatigheid ontbreekt, ook met betrekking tot het beschikbaar houden van het artikel op de websites, zodat daarin geen grond is te vinden voor toewijzing van het gevorderde. Geïntimeerde heeft aangevoerd dat, ook indien geoordeeld wordt dat het artikel niet onrechtmatig is en niet verwijderd hoeft te worden, deze vordering dient te worden toegewezen omdat zijn belang om na jaren niet meer geconfronteerd te worden met onjuiste aantijgingen zwaarder dient te wegen dan het belang van RD om het artikel te ontsluiten via zoekmachines. De rechtbank heeft kennelijk naar aanleiding daarvan geoordeeld dat een krantenarchief moet worden aangemerkt als een verzameling persoonsgegevens en de beheerder als een voor de verwerking van de gegevens verantwoordelijke, een en ander in de zin van richtlijn 95/46/EG van het Europese parlement en de Raad van 24 oktober 1995. De rechtbank komt tot het oordeel dat een bevel aan Erdee om de exploitant van een zoekmachine te verzoeken het artikel onvindbaar te maken teneinde de persoonlijke levenssfeer van geïntimeerde te beschermen, op de voet van artikel 9 van bedoelde richtlijn kan worden verzoend met de vrijheid van meningsuiting.

Het hof overweegt dat de onderhavige vorderingen zijn gericht op het onvindbaar maken van het artikel in zoekmachines, gebruik makend van de volledige namen van geïntimeerde en zijn vader. De verwerking van persoonsgegevens waarop de vorderingen betrekking hebben, bestaande uit het zoeken van gegevens bij een ingetoetste naam en het weergeven van de zoekresultaten, wordt uitgevoerd door de exploitant van de zoekmachine en niet door appellant. Dit betekent dat in verband met het gevorderde de exploitanten van de diverse zoekmachines zijn aan te merken als verantwoordelijken voor de verwerking van de persoonsgegevens en niet appellant. De motivering van de rechtbank houdt dan ook geen stand. De Wet bescherming persoonsgegevens en daaraan ten grondslag liggende Europese richtlijn bieden geen grond voor toewijzing van de onderhavige vorderingen.

Categorieën: Onrechtmatige uitingen (privaatrechtelijk), WBP, Zoekmachine

Tags: , , , , ,