Hoge Raad 20 december 2016 (marktplaats oplichting), ECLI:NL:HR:2016:2889

Hoge Raad 20 december 2016 (marktplaats oplichting), ECLI:NL:HR:2016:2889

Het Hof heeft geoordeeld dat de verdachte door het aannemen van een valse naam en een valse hoedanigheid betrokkenen heeft bewogen tot de afgifte van een geldbedrag. Blijkens de hiervoor weergegeven bewijsmiddelen heeft het Hof vastgesteld dat de verdachte zich door het plaatsen van een advertentie op de internetsite Marktplaats.nl heeft voorgedaan als verkoper van iPhones terwijl hij die telefoons niet had, dat hij in telefonisch contact met betrokkenen naar aanleiding van die advertentie telkens gebruik heeft gemaakt van valse namen, dat hij tijdens die telefoongesprekken heeft gezegd tegen betrokkene-1 dat hij winkels had in Almelo, Rotterdam en Heerlen, respectievelijk tegen betrokkene-2 dat hij het toestel in een winkel kon ophalen, alsmede dat hij voor het ontvangen van de overeengekomen betalingen een bankrekeningnummer heeft opgegeven zonder de juiste tenaamstelling daarvan op te geven. Gelet hierop geeft ’s Hofs oordeel dat de bewezenverklaarde gedragingen van verdachte vallen aan te merken als oplichting in de zin van art. 326 Sr niet blijk van een onjuiste rechtsopvatting. Het is ook niet onbegrijpelijk.

Categorie├źn: Online veilingen-marktplaats, Oplichting

Tags: , , ,