Raad van State 21 december 2016 (openbare besluitenlijst), ECLI:NL:RVS:2016:3364

Raad van State 21 december 2016 (openbare besluitenlijst), ECLI:NL:RVS:2016:3364

Appellant heeft een verzoek op grond van de Wet openbaarheid van bestuur ingediend bij het college aangaande de rekenkamer van de gemeente. Bij besluit is op dit verzoek beslist. Deze beslissing is op de openbare besluitenlijst geplaatst. In de openbare besluitenlijst staat dat het een verzoek betreft van “appellant woonplaats”. De gemachtigde van appellant heeft telefonisch verzocht om de gegevens van appellant van de openbare besluitenlijst te verwijderen. Bij brief heeft het college meegedeeld dat het geen aanleiding ziet voor anonimisering van de openbare besluitenlijst.

Gelet op dit artikellid dient het college in dit geval te beoordelen of de persoonsgegevens voor het doel van de verwerking, openbaarmaking op grond van artikel 60, derde lid, van de Gemeentewet, niet ter zake dienend zijn alsmede of deze persoonsgegevens in strijd met een wettelijk voorschrift worden verwerkt. Wat betreft de verwerking in strijd met een wettelijk voorschrift wijst de Afdeling er op dat op grond van artikel 60, derde lid, van de Gemeentewet openbaarmaking achterwege blijft indien dit in strijd is met het openbaar belang. Onder openbaar belang kan onder omstandigheden ook de eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer worden begrepen. Dit betekent dat onder omstandigheden de verwerking van persoonsgegevens in strijd kan zijn met artikel 60, derde lid, van de Gemeentewet, hetgeen een grond vormt voor verwijdering in de zin van artikel 36, eerste lid van de Wbp. Voor zover het college in de brief heeft gewezen op de wetsgeschiedenis van artikel 60, derde lid, van de Gemeentewet (Kamerstukken I, 2002/03, 28 243, nr. 34a, blz. 7) – waarin staat dat zeer terughoudend gebruik moet worden gemaakt van anonimiseren – wordt overwogen dat deze wetsgeschiedenis dateert uit 2001-2002. Daarbij is geen rekening gehouden met de grote schaal waarop het internet sindsdien zou worden gebruikt en met de zoekmogelijkheden die het internet zou gaan bieden. In dit kader heeft de Afdeling ter zitting de Richtsnoeren inzake actieve openbaarmaking van persoonsgegevens van het College bescherming persoonsgegevens aan de orde gesteld.

Het college van B&W wordt opgedragen om binnen 6 weken opnieuw op het bezwaar van appellant te besluiten.

Categorie├źn: Anonimiteit, Bestuursrecht, Openbaar, WBP

Tags: , , , , , ,