Rechtbank Den Haag 9 december 2016 (Stichting Argus) , ECLI:NL:RBDHA:2016:15526

Rechtbank Den Haag 9 december 2016 (Stichting Argus) , ECLI:NL:RBDHA:2016:15526

Eiser heeft desgevraagd meegedeeld dat hij met zijn (Wob- en Wiv-)verzoek beoogt een unieke verzameling historisch materiaal te verkrijgen en te behoeden voor vernietiging door dit materiaal te publiceren en voor een ieder toegankelijk te maken via internet. Onderwerp van de verzameling zijn documenten waaruit blijkt hoe de veiligheidsdiensten functioneren na de Tweede Wereldoorlog. Eiser heeft ter zitting toegelicht dat hij in navolging van een aantal organisaties uit de Verenigde Staten van Amerika op deze wijze een schaduwarchief wil creëren van informatie, die anders door de toepassing van de Archiefwet na verloop van tijd verloren zou gaan. Daarbij neemt hij ook in aanmerking dat in bepaalde andere landen door veiligheidsdiensten verzamelde informatie volgens de wet niet na 20 jaar wordt vernietigd, maar door die diensten zelf actief openbaar wordt gemaakt.

Eiser bewerkstelligt dit doel door de door hem opgevraagde documenten te publiceren op de websites www.stichtingargus.nl en www.inlichtingendiensten.nl. Eiser wil op deze manier ook bereiken dat de door hem van de inlichtingdiensten verkregen informatie gemakkelijk toegankelijk wordt voor journalisten, onderzoekers en historici.

De rechtbank is van oordeel dat het recht op informatie dat in de Wob en de Wiv geregeld is daarvoor niet is bedoeld. Dit recht heeft niet tot doel de werking van de Archiefwet, op grond waarvan na verloop van tijd documenten kunnen worden vernietigd, als zodanig tegen te gaan.

De rechtbank is voorts van oordeel dat eisers beweegreden omvangrijke delen van verweerders archief op te vragen teneinde verder niet nader gespecificeerde informatie voor andere burgers toegankelijk te maken, geen redelijk doel is. Het aanleggen van een schaduwarchief door eiser om dat doel te bereiken is niet geëigend, niet efficiënt en in strijd met het systeem van de Wiv en de Wob. Nog daargelaten dat het raadplegen van de door eiser opgevraagde informatie door derden een onzekere toekomstige gebeurtenis is, overweegt de rechtbank dat de wetgever met de Wiv en de Wob een laagdrempelige mogelijkheid heeft gecreëerd voor burgers om openbaarmaking van bij de overheid berustende documenten te verzoeken, desgewenst met hulp van een rechtsbijstandverlener. Hiermee is de openbaarheid voldoende gewaarborgd. Deze omstandigheden, afgezet tegen de enorme inspanningen waartoe behandeling van eisers verzoeken verweerder dwingt, maken dat eiser het recht op het verzoeken om informatie dat de Wob en de Wiv hem bieden zodanig evident zonder redelijk doel gebruikt dat het aanwenden van dat recht blijk geeft van kwade trouw. De rechtbank voelt zich gesteund in dit oordeel door eisers verklaring ter zitting dat hij van het innen van dwangsommen en proceskosten mede zijn broodwinning maakt.

Categorieën: Bestuursrecht, Openbaar

Tags: , , , , ,