Rechtbank Midden-Nederland 1 april 2015 (vooruitbetaling), ECLI:NL:RBMNE:2015:2116

Rechtbank Midden-Nederland 1 april 2015 (vooruitbetaling), ECLI:NL:RBMNE:2015:2116

Dat artikel 2.1 van de algemene voorwaarden consumenten, zoals eiser, verplicht tot vooruitbetaling van de volledige koopprijs – en dus niet tot (maximaal) 50% daarvan – wordt door gedaagde op zichzelf niet betwist. Naar de kantonrechter het verweer van gedaagde begrijpt, stelt zij dat het beding in de algemene voorwaarden (toch) niet als onredelijk bezwarend moet worden aangemerkt, omdat de mogelijkheid wordt geboden aan consumenten om het gekochte af te halen en in dat geval pas na aflevering te betalen. Ook kan er volgens gedaagde (na vooruitbetaling van 50% van de koopprijs) onder rembours worden geleverd.

Dit verweer van gedaagde slaagt niet. Nog los van aard en strekking van de

volgens gedaagde geboden alternatieven in plaats van vooruitbetaling van 100% van de koopprijs, geldt namelijk dat deze alternatieven aan het onredelijk bezwarende karakter van het beding in de algemene voorwaarden niet kunnen afdoen. Het beding gaat immers uit van een verplichting, niet van een vrije keuzemogelijkheid. Van (redelijke) alternatieven in de algemene voorwaarden die wel voldoen aan het bepaalde in artikel 7:26 lid 2 BW is niet gebleken. Het beding in artikel 2.1 moet dus worden aangemerkt als een onredelijk bezwarend beding in de zin van artikel 6:233 onder a BW.

Categorieën: Algemene voorwaarden, E-commerce

Tags: , , , , ,