Rechtbank Rotterdam 17 februari 2016 (stalking na stage), ECLI:NL:RBROT:2016:1265

Rechtbank Rotterdam 17 februari 2016 (stalking na stage), ECLI:NL:RBROT:2016:1265

De verdachte en de aangeefster kennen elkaar doordat de verdachte tot kort voor de ten laste gelegde periode stage heeft gelopen bij een instelling, waar de aangeefster werkt en haar aanspreekpunt was.

De verdachte heeft het slachtoffer gedurende een periode van meer dan drie maanden belaagd. Zij heeft accounts op naam van het slachtoffer aangemaakt op diverse social media en heeft websites op naam van het slachtoffer aangemaakt. Op social media en de websites heeft de verdachte vervolgens zeer persoonlijke gegevens en foto’s van het slachtoffer en haar familie geplaatst. Ondertussen heeft zij ook de zeer indringende beslissing genomen om op haar arm de naam van het slachtoffer te laten tatoeëren. Door haar volhardende handelen heeft de verdachte het slachtoffer ongevraagd en tegen haar uitdrukkelijke wil gedwongen om de door verdachte gepleegde handelingen en activiteiten en het voortbestaan van die voor haar niet te beheren sites met haar gegevens te dulden.

Volgt veroordeling tot 150 uren taakstraf, en 4 maanden voorwaardelijke gevangenisstraf, met als bijzondere voorwaarde:

– de veroordeelde zal gedurende de proeftijd op geen enkele wijze de naam van de aangeefster vermelden of afbeeldingen plaatsen van de aangeefster op internet of social media (onder meer Twitter, Facebook en Instagram), op geen enkele wijze afbeeldingen van de aangeefster kopiëren van sites of social media van vrienden, bekenden of familie van de aangeefster, op geen enkele wijze afbeeldingen van de aangeefster vervaardigen of doen vervaardigen, alsmede zal de verdachte niet langer op naam van de aangeefster accounts/profielen/websites aanmaken/aanvragen of op die sites gegevens of afbeeldingen plaatsen van de aangeefster. Dit geldt ook voor eigen accounts/profielen/websites van de veroordeelde, voor WhatsApp of andere communicatiemiddelen en voor afbeeldingen van verdachtes arm waarbij het zwaartepunt ligt op de tatoeage met de naam van aangeefster. De veroordeelde zal in de eerste maand van de proeftijd alle in haar macht liggende accounts/profielen/websites, teksten over en afbeeldingen van de aangeefster verwijderen en die gedurende de proeftijd verwijderd houden, waaronder ten minste ook is begrepen het zonder voorbehoud opgeven van de domeinnaamregistraties die voorkomen in de bewezenverklaring. Het voorgaande geldt – in alle opzichten – voorts ten aanzien van de partner en familieleden van de aangeefster en ten aanzien van namen die gelijken op die van de aangeefster.

Categorieën: Belaging, Identiteitsfraude, Sociale netwerksites

Tags: , , , , , , , , ,