Rechtbank Rotterdam 5 mei 2016 (emailaccount kinderporno), ECLI:NL:RBROT:2016:2538

Rechtbank Rotterdam 5 mei 2016 (emailaccount kinderporno), ECLI:NL:RBROT:2016:2538

Voor zover voor internetrecht van belang: Kort gezegd, blijkt dat de door de verdachte aangemaakte e-mailaccounts waarop kinderporno is aangetroffen en waarmee kinderporno is verzonden, zijn benaderd vanaf het IP-adres dat toebehoort aan de verdachte, alsook vanaf het IP-adres dat toebehoort aan de toenmalige werkgever van de verdachte. Uit de schermafdrukken van de bij de verdachte thuis staande computer blijkt dat met die computer is ingelogd op een e-mailaccount waarvan de verdachte stelt dat hij daar op dat moment geen toegang meer toe had. Daarnaast zijn, direct nadat de verdachte een e-mailaccount had aangemaakt, vanaf die account afbeeldingen verzonden naar e-mailaccounts waarvan de verdachte stelt dat hij daar geen toegang meer toe had. Vanuit de door de verdachte aangemaakte e-mailaccounts is dus over en weer materiaal verzonden. Deze bevinding komt overeen met de verklaring van de verdachte dat hij weleens vanuit een eigen e-mailaccount e-mails heeft verzonden naar een ander eigen e-mailaccount.

Genoemde bevindingen zijn naar het oordeel van de rechtbank uiterst onwaarschijnlijk als een ander dan de verdachte de handelingen van het versturen en binnenhalen van kinderporno heeft verricht.

Categorie├źn: E-mail, Kinderporno, Strafvordering

Tags: , , , , ,