Rechtbank Rotterdam 8 september 2015 (IS-aanhanger Facebook), ECLI:NL:RBROT:2015:6396

Rechtbank Rotterdam 8 september 2015 (IS-aanhanger Facebook), ECLI:NL:RBROT:2015:6396

Verdachte heeft zich op Facebook geprofileerd als een aanhanger van de IS. Letterlijk: “Ik ben met deze, ik ben (een aanhanger) van de Islamitische Staat in Irak in Syrië”. Op dezelfde dag heeft hij ook gechat: “ik wil naar Syrië komen”. Hij heeft deze wens herhaald tegenover een persoon die zich profileerde met de chatnaam . Aan deze chatnaam heeft hij ook gevraagd of hij kan weten hoe een bom wordt gemaakt. De verdachte heeft nog twee keer over explosieven gechat, dat hij video’s (opnamen) wil over “explosieven te maken om de Amerikaanse ambassade op te blazen in de bezette Nederlandse” (sic!) en hij heeft gechat: “Ik wil een aantal video’s hebben (ik heb een aantal video’s nodig) hoe je bommen kunt maken”.

De rechtbank komt tot het oordeel dat er geen bewijs is dat de verdachte in de periode waarin hij de bedenkelijke teksten in het boekje schreef of de gewraakte chats op Facebook plaatste, daadwerkelijk van plan was naar Syrië af te reizen of daadwerkelijk een aanslag te plegen met een zelfgemaakt explosief of met welke bom dan ook.

Categorieën: Chat, Sociale netwerksites, Strafrecht

Tags: , ,