College van Beroep voor het bedrijfsleven 8 december 2014 (Uber/UberPOP), ECLI:NL:CBB:2014:450

College van Beroep voor het bedrijfsleven 8 december 2014 (Uber/UberPOP), ECLI:NL:CBB:2014:450

Het bedrijf Uber selecteert de particuliere chauffeurs voor UberPOP, de vervoersdienst voor en door  particulieren, en geeft deze chauffeurs toegang tot de applicatie waarmee het contact met de passagiers tot stand komt. Op hun beurt hebben de passagiers alleen toegang tot het vervoer wanneer zij een account bij Uber aanmaken. Uber bepaalt verder de tarieven voor het vervoer. De betaling voor de rit gebeurt met behulp van de Uber app via een door Uber ingeschakelde betalingsdienst. Twintig procent van de ritprijs wordt uitbetaald aan Uber. Tachtig procent van de ritprijs wordt uitbetaald aan de chauffeur. Hoe meer ritten er in het kader van UberPOP worden gereden, des te meer betalingen Uber daarvoor ontvangt. Uit deze verschillende facetten volgt dat de bedrijfsmatige activiteiten van Uber in het kader van UberPOP, anders dan zij heeft aangevoerd, niet alleen zijn gericht op het bieden van technologie en het faciliteren van het op één plaats samenkomen van vraag en aanbod, maar ook op het feitelijk vervoeren van personen tegen betaling aan de chauffeur én aan Uber.

Gelet hierop heeft de Minister zich in zijn besluit terecht en op goede gronden op het standpunt gesteld dat Uber als medepleger artikel 76, eerste lid, van de Wp2000 heeft overtreden door bewust en nauw samen te werken met de particuliere chauffeurs die zonder taxivergunning in het kader van UberPOP in hun eigen auto personen vervoeren auto tegen betaling.

Categorieën: Bestuursrecht, Positie tussenpersonen

Tags: , , , ,