Gerechtshof Amsterdam 29 oktober 2013 (Onjuiste internet- en perspublicaties), ECLI:NL:GHAMS:2013:3723



Gerechtshof Amsterdam 29 oktober 2013 (Onjuiste internet- en perspublicaties), ECLI:NL:GHAMS:2013:3723


Het betreft in deze zaak een oud Raadslid van de Raad van Toezicht van de woningbouwvereniging Beter Wonen. Deze plaatste in beginsel een ingezonden brief in de krant en later verschillende uitingen op websites met daarin opgenomen beschouwingen van hoe het er aan toe gaat binnen de vereniging. Hierbij speelde een rol dat hij niet de vergoedingen zou krijgen en hebben gekregen zoals afgesproken. Door geïntimeerde is aangegeven dat de uitlatingen te ver gaan en onjuist zijn. Het hof dient te bepalen hoe in dit geval de grens moet worden getrokken tussen uitoefening van het recht op een vrije meningsuiting enerzijds – waarmee mogelijkerwijs bestaande misstanden binnen Beter Wonen konden worden opgeheven – en bescherming tegen onjuiste of in elk geval lichtvaardige verdachtmakingen op internet (en schade die daarvan het gevolg kan zijn) anderzijds. Hierbij dienen alle omstandigheden te worden meegenomen. Na de afweging komt het hof tot de conclusie dat in dit geval het belang van het oud Raadslid om zich vrij te uiten zwaarder behoort te wegen dan de belangen waarvoor geintimeerden opkomen en dat in dit geval derhalve het grootste gewicht moet toekomen aan het belang dat een (vermeende) misstand die de samenleving raakt door bekenmaking aan het grote publiek bestreden moet kunnen worden. Van een ontoelaatbare inbreuk op het in art. 8 EVRM gewaarborgde recht is derhalve geen sprake.


Categorieën: nocategory, Onrechtmatige uitingen (privaatrechtelijk), Vrijheid van meningsuiting

Tags: , , , , , , ,