Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 23 maart 2018 (Pandriks), ECLI:NL:GHARL:2018:2831

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 23 maart 2018 (Pandriks), ECLI:NL:GHARL:2018:2831

Geschil over ontslag op staande voet, naar aanleiding van, onder andere, een YouTube filmpje met de schriftelijke weergave van dat gesprek tussen D en verzoeker, de foto’s van D en het logo van Pandriks en de verdere beschuldigingen tegen D.

Het hof is met werkgever Pandriks van oordeel dat het op deze wijze, zonder toestemming van D en Pandriks, plaatsen op internet van gespreksfragmenten, foto’s en bedrijfslogo gelardeerd met denigrerende en diffamerende opmerkingen, onrechtmatig is tegenover Pandriks en D  en, ook zelfstandig, een voldoende reden oplevert voor ontslag op staande voet als verzoeker daarvoor verantwoordelijk is.

Een derde C zou de gewraakte beelden en teksten feitelijk op YouTube hebben geplaatst. Daarmee rijst de vraag of de hiervoor als geldige reden voor het ontslag op staande voet aangemerkte grond nog wel een gedraging van  verzoeker  zelf omvat.

Uit de jurisprudentie van de Hoge Raad (HR 7 november 1986, NJ 1987/397, HR 23 maart 2007,

ECLI:NL:HR:2007:AZ7616 en HR 9 februari 2016, ECLI:NL:HR:2016:290) op welke jurisprudentie de kantonrechter kennelijk het oog heeft gehad, volgt dat als hoofdregel de gedraging van een derde geen dringende reden voor ontslag op staande voet kan opleveren, maar dat uitlokking of enigerlei vorm van medewerking aan het onacceptabele gedrag van de derde door de werknemer ook een dringende reden kan opleveren.

Verzoeker heeft de – op zich niet illegale – opname gemaakt van het gesprek met D; op verzoek van  C  heeft hij daarvan een transcriptie gemaakt en hij heeft de geluidsopname plus de transcriptie aan  C  op diens verzoek ter hand gesteld. Verder heeft hij ter zitting van het hof verklaard dat hij in januari 2017 al wist dat de opnamen en teksten op YouTube waren geplaatst en dat hij toen niets heeft gedaan om te proberen deze daar weer van te verwijderen.

Het hof is van oordeel dat  verzoeker  daarmee een zodanig aandeel heeft gehad in het verschijnen van de gewraakte teksten en beelden op YouTube die door C  feitelijk zijn geplaatst, dat die vermenigvuldiging op YouTube mede voor zijn verantwoordelijkheid komt en een voldoende reden voor ontslag op staande voet oplevert.

Categorieën: Arbeidsrecht, Filmpjes op internet

Tags: , , ,