Gerechtshof Den Haag 20 juni 2017 (auteursrecht op website na echtscheiding), ECLI:NL:GHDHA:2017:2022

Gerechtshof Den Haag 20 juni 2017 (auteursrecht op website na echtscheiding), ECLI:NL:GHDHA:2017:2022

Appellant heeft erkend dat (een aantal van) de advertentieteksten op zijn website (nagenoeg) identiek (is) zijn aan de teksten op de website van geïntimeerde. Dat blijkt overigens ook uit overgelegde screenprints van de websites. Hij stelt dat hij die mag gebruiken omdat hij medeauteursrechthebbende is met betrekking tot die teksten omdat hij medemaker is en/of omdat de desbetreffende auteursrechten in de voorheen tussen partijen bestaande huwelijksgemeenschap vielen. Geïntimeerde betwist dit. Er met appellant veronderstellenderwijs van uitgaande dat geïntimeerde en appellant gemeenschappelijk auteursrecht op de teksten toekomt, geldt ingevolge artikel 26 Aw juncto artikel 3:170 BW dat het exploitatierecht toekomt aan de auteurs gezamenlijk en de exploitatie van een gemeenschappelijk auteursrecht alleen met toestemming van alle deelgenoten kan geschieden. Nu vaststaat dat appellant geen toestemming van geïntimeerde heeft gekregen om de teksten te gebruiken mag appellant deze niet exploiteren door ze op zijn website te gebruiken.

Categorieën: Auteursrecht, Personen- en familierecht

Tags: , , , , ,