Hof Arnhem 25 november 2003 (informatieverschaffing vader), LJN AO4893. (ECLI:NL:GHARN:2003:AO4893)




Hof Arnhem 25 november 2003 (informatieverschaffing vader), LJN AO4893. (ECLI:NL:GHARN:2003:AO4893)

Het hof is van oordeel dat, nu de vader de stelling van de moeder dat zij eerst na de beschikking van dit hof van 15 januari 2002 de internetpublicaties van de vader heeft waargenomen en dat de vader, nadat het adres van de moeder en de kinderen bij hem bekend was geworden, wederom kaartjes is gaan sturen, niet heeft weersproken, er sprake is van een wijziging van de omstandigheden ten opzichte van de situatie ten tijde van die beschikking van dit hof van 15 januari 2002. Het hof acht de stelling van de moeder dat de internetpublicaties en de kaartjes van de vader een negatieve indruk op zowel de kinderen als de moeder hebben gemaakt, mede gelet op de voor de kinderen zeer belastende voorgeschiedenis die zich kenmerkt door een langdurige strijd tussen partijen, aannemelijk. Nu de vader ook de school van de kinderen op een negatieve wijze heeft benaderd mag hij de school niet meer bezoeken zonder afspraak. Het hof leidt hieruit af dat de kinderen wel degelijk op een negatieve wijze betrokken zijn geraakt bij de wens van de vader om informatie over hen. Gelet op het bovenstaande, de mededeling van de vader dat hij desnoods doorgaat met de internetpublicaties betreffende de kinderen, het feit dat thans van de moeder niet meer gevergd kan worden dat zij buiten de kinderen om informatie aan de vader verstrekt, daarbij rekeninghoudend met de leeftijd van de kinderen en het feit dat de vader zelf de kinderen op een voor hen belastende manier bij de informatieverstrekking heeft betrokken, en tenslotte op het feit dat de kinderen hebben aangegeven tegen iedere informatieverstrekking aan de vader te zijn, acht het hof het evenals de rechtbank niet langer in het belang van de kinderen dat op de moeder de plicht rust tot informatieverschaffing aan of tot consultatie van de vader.


Categorie├źn: nocategory