Hoge Raad 18 september 2018 (bedreiging via LinkedIn), ECLI:NL:HR:2018:1679

Hoge Raad 18 september 2018 (bedreiging via LinkedIn), ECLI:NL:HR:2018:1679

Voor een veroordeling ter zake van bedreiging met zware mishandeling is in een geval als het onderhavige vereist dat de bedreiging van dien aard is en onder zodanige omstandigheden is geschied dat bij de betrokkene in redelijkheid de vrees kon ontstaan dat deze zwaar lichamelijk letsel zou kunnen oplopen (vgl. HR 7 juni 2005, ECLI:NL:HR:2005:AT3659, NJ 2005/448).

Het Hof heeft vastgesteld dat de verdachte aan de aangever via LinkedIn meermalen berichten heeft verstuurd, waaronder het in de bewezenverklaring vermelde bericht, inhoudende “Praat in mijn gezicht, dan trap ik het voor je kapot” en dat dit bericht evident betrekking had op het gezicht van de aangever en niet dat van de verdachte.

Het Hof heeft vervolgens kennelijk geoordeeld dat door het in de bewezenverklaring vermelde bericht bij de aangever in redelijkheid de vrees kon ontstaan dat hij zwaar lichamelijk letsel zou kunnen oplopen. Bij dat oordeel heeft het Hof mede betrokken het eveneens door de verdachte op dezelfde datum verzonden bericht, inhoudende “Je bent een bange kanker boer anders was je niet naar de politie gegaan verwacht een confrontatie met mij of mijn vrienden want jij komt hier niet mee weg”.

Dit oordeel getuigt niet van een onjuiste rechtsopvatting en is niet onbegrijpelijk.

Categorie├źn: Bedreiging, Sociale netwerksites

Tags: , , , ,