Hoge Raad 7 september 2018 (gegevens van buitenlandse geheime diensten), ECLI:NL:HR:2018:1434

Hoge Raad 7 september 2018 (gegevens van buitenlandse geheime diensten), ECLI:NL:HR:2018:1434

Deze zaak betreft de ontvangst door Nederlandse inlichtingen- en veiligheidsdiensten, de AIVD en de MIVD, van gegevens verkregen door buitenlandse inlichtingen- en veiligheidsdiensten, in het bijzonder de Amerikaanse National Security Agency (NSA) en de Britse Government Communication Headquarters (GCHQ).

Het hof heeft geoordeeld dat de vorderingen van eisers berusten op het uitgangspunt dat de NSA en de GCHQ op ongeoorloofde wijze inlichtingen verkrijgen, althans dat die mogelijkheid bestaat, en dat het daarom niet behoefde te onderzoeken of het verkrijgen van gegevens van buitenlandse inlichtingendiensten door de AIVD en de MIVD in het algemeen in strijd is met het EVRM. Dat oordeel berust op een aan het hof als feitenrechter voorbehouden uitleg van de gedingstukken en kan in cassatie niet op juistheid worden onderzocht. Het is ook niet onbegrijpelijk.

Categorie├źn: Onrechtmatige daad

Tags: , , , ,