HvJ EU 1 oktober 2019 (Planet 49), zaak C‑673/17, ECLI:EU:C:2019:801

HvJ EU 1 oktober 2019 (Planet 49), zaak C‑673/17, ECLI:EU:C:2019:801

Het Hof (Grote kamer) verklaart voor recht:

  1. Artikel 2, onder f), en artikel 5, lid 3, van richtlijn 2002/58/EG van het Europees Parlement en de Raad van 12 juli 2002 betreffende de verwerking van persoonsgegevens en de bescherming van de persoonlijke levenssfeer in de sector elektronische communicatie (richtlijn betreffende privacy en elektronische communicatie), zoals gewijzigd bij richtlijn 2009/136/EG van het Europees Parlement en de Raad van 25 november 2009, gelezen in samenhang met artikel 2, onder h), van richtlijn 95/46/EG van het Europees Parlement en de Raad van 24 oktober 1995 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens, alsmede met artikel 4, punt 11, en artikel 6, lid 1, onder a), van verordening (EU) 2016/679 van het Europees Parlement en de Raad van 27 april 2016 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens en tot intrekking van richtlijn 95/46/EG (algemene verordening gegevensbescherming), moeten aldus worden uitgelegd dat de in deze bepalingen bedoelde toestemming niet rechtsgeldig is verleend wanneer de opslag van informatie door middel van cookies of de toegang tot reeds op de eindapparatuur van de gebruiker van een website opgeslagen informatie via cookies wordt toegestaan door middel van een standaard aangevinkt selectievakje dat deze gebruiker moet uitvinken ingeval hij weigert zijn toestemming te geven.
  2. Artikel 2, onder f), en artikel 5, lid 3, van richtlijn 2002/58, zoals gewijzigd bij richtlijn 2009/136, gelezen in samenhang met artikel 2, onder h), van richtlijn 95/46 alsmede met artikel 4, punt 11, en artikel 6, lid 1, onder a), van verordening 2016/679, moeten niet verschillend worden uitgelegd naargelang de informatie die is opgeslagen in de eindapparatuur van de gebruiker van een website of daaruit is opgevraagd, al dan niet bestaat in persoonsgegevens in de zin van richtlijn 95/46 en verordening 2016/679.
  3. Artikel 5, lid 3, van richtlijn 2002/58, zoals gewijzigd bij richtlijn 2009/136, moet aldus worden uitgelegd dat de aanbieder van diensten de gebruiker van een website onder meer moet informeren over de vraag hoelang de cookies actief blijven en of derden al dan niet toegang tot de cookies kunnen hebben.

Categorieën: Cookies, persoonsgegevens, Telecommunicatierecht

Tags: , , , , , , , , , ,