Rechtbank Amsterdam 12 april 2019 (Facebook vs. Tommy Hilfiger executiegeschil), ECLI:NL:RBAMS:2019:3207

Rechtbank Amsterdam 12 april 2019 (Facebook vs. Tommy Hilfiger executiegeschil), ECLI:NL:RBAMS:2019:3207

Het vereiste dat sprake moet zijn van inbreuk op het Beneluxmerk ‘Tommy Hilfiger’ brengt noodzakelijkerwijs mee dat de advertenties waarover in het dictum wordt geoordeeld, gericht zijn op het in aanmerking komende publiek in de Benelux. Daarvoor is méér nodig dan dat iemand uit de Benelux de advertentie zou kunnen bekijken, of via een advertentie op een website terecht zou kunnen komen, waarop voor inbreukmakende kleding wordt geadverteerd. Een gebod tot het verstrekken van NAW-gegevens voor de betrokken adverteerders en/of tot het nemen van daarop gerichte preventieve maatregelen, ongeacht of een Beneluxmerk in het geding is, gaat de grondslag, en daarmee het doel en de strekking van de in het Vonnis gegeven bevelen te buiten.

Categorieën: Executiegeschillen, Sociale netwerksites

Tags: , ,