Rechtbank Amsterdam 19 november 2014 (opruiend Facebook filmpje), ECLI:NL:RBAMS:2014:7728

Rechtbank Amsterdam 19 november 2014 (opruiend Facebook filmpje), ECLI:NL:RBAMS:2014:7728

De te beantwoorden vraag is of verdachte het (voorwaardelijk) opzet heeft gehad om anderen op te ruien om strafbare feiten te plegen en of verdachte met het plaatsen van het filmpje een opruiende afbeelding heeft verspreid, openlijk heeft tentoongesteld of heeft aangeslagen.

Naar de bewoordingen bevat het filmpje expliciet de boodschap dat degenen die het filmpje bekijken zionisten dood moeten schieten. Aldus wordt rechtstreeks opgeroepen tot het plegen van moord dan wel doodslag. De overige inhoud van het filmpje ondersteunt en versterkt deze boodschap nog. Verdachte doet voor hoe moet worden gehandeld, namelijk vuurwapens pakken en er mee schieten. Anders dan de verdediging heeft betoogd ontbreken aanwijzingen dat het – op zitting getoonde – filmpje sarcastisch, ridiculiserend of overdrijvend is bedoeld. Dat zoals de verdediging heeft betoogd op de Facebookpagina ook andere – door de verdediging niet concreet aangeduide, maar als “veelal scherp” betitelde – andere filmpjes zichtbaar zijn, maakt dit niet anders. Het filmpje heeft dan ook onmiskenbaar een opruiend karakter.

Verdachte heeft onder meer verklaard dat hij met het filmpje uiting heeft willen geven aan zijn boosheid toen hij beelden zag van de op het strand van Gaza gedode jongens. Zoals hierboven overwogen is het filmpje niet (slechts) een uiting van boosheid, maar (tevens) een zeer expliciete oproep tot gewelddadig optreden. Naar het oordeel van de rechtbank kan het niet anders zijn dan dat verdachte zich minst genomen bewust is geweest van de aanmerkelijke kans dat het filmpje bij anderen de wens tot geweld tegen zionisten zou opwekken of versterken. Hieruit volgt dat verdachte op zijn minst het voorwaardelijk opzet had op het ten laste gelegde. De rechtbank acht daarom bewezen dat verdachte de als eerste cumulatief/alternatief ten laste gelegde opruiing heeft begaan.

Door het filmpje op de Facebookpagina van zijn rijschool te zetten, heeft verdachte dit filmpje ook openlijk tentoongesteld aan diegenen die deze Facebookpagina bezoeken of hebben “geliked”.

Volgt veroordeling tot 60 dagen gevangenisstraf.

Categorieën: Bevoegdheid/rechtsmacht (Nederlandse) rechter, Filmpjes op internet, Sociale netwerksites, Strafrecht, Uitingsdelicten

Tags: , , , , , , , , ,