Rechtbank Amsterdam 9 februari 2012 (extern verwijzingsregister), LJN BW0269 (ECLI:NL:RBAMS:2012:BW0269)



Rechtbank Amsterdam 9 februari 2012 (extern verwijzingsregister), ECLI:NL:RBAMS:2012:BW0269, LJN BW0269

Persoonsgegevens van verzoeker zijn door ING in een intern incidentenregister en in het extern verwijzingsregister geplaatst. Verzoek om verwijdering van die gegevens. Frauduleuze transactie, in verband waarmee de rekening van verzoeker kennelijk door iemand anders dan verzoeker is geraapdleegd via MijnING.nl, terwijl daarbij gebruik is gemaakt van zijn inlogcode en wachtwoord, die alleen verzoeker kende. Hiervoor (en voor een aantal andere verdachte omstandigheden) heeft verzoeker geen redelijke verklaring gegeven.


Dit alles leidt ertoe dat buiten redelijke twijfel is, dat verzoeker bewust betrokken is geweest bij de fraude en dat hij oneigenlijk gebruik heeft gemaakt van de diensten van ING waardoor sprake is van een bedreiging voor de continuïteit en de integriteit van financiële instellingen in het algemeen en voor ING in het bijzonder. Daarmee is voldaan aan het criterium van de Hoge Raad (29 mei 2009, ECLI:NL:RBAMS:2012:BW0269, LJN BH4720) dat sprake moet zijn van een zwaardere verdenking dan enkel een redelijk vermoeden van schuld. ING had een gerechtvaardigd belang om de persoonsgegevens van verzoeker op te nemen in de registers. Dat ING geen aangifte heeft gedaan tegen verzoeker staat hieraan niet in de weg.


Categorie├źn: Internetbankieren, nocategory, Privacy, Zwarte lijsten

Tags: , , , , , , , , , , ,