Rechtbank Den Haag 21 januari 2015 (CityBox), ECLI:NL:RBDHA:2015:575

Rechtbank Den Haag 21 januari 2015 (CityBox), ECLI:NL:RBDHA:2015:575

Boxaround biedt onder meer via internet opslagruimte te huur aan. Zij heeft een derde opdracht gegeven haar diensten onder de aandacht van het (internet)publiek te brengen, waarbij door deze derde de tekens CITY BOX en CITYBOX als advertising keyword van Google zijn gekocht (‘Google Adwords’). Aan deze keywordszijn online advertenties gekoppeld van Boxaround. Bij het invoeren van de zoekterm CITY BOX of CITYBOX in de zoekmachine op de website Google.nl verschijnen advertenties van Boxaround, waaronder advertenties waarin het teken CITY BOX voorkomt.

Voor zover de vorderingen in conventie zijn gebaseerd op Beneluxmerkrechten

geldt dat het Gerechtshof Den Haag heeft geoordeeld dat de bevoegdheidsregeling van Verordening (EG) 44/2001 van de Raad betreffende de rechterlijke bevoegdheden, de erkenning en de tenuitvoerlegging van beslissingen in burgerlijke en handelszaken (hierna: EEX-Vo), voor zover die regeling in materieel, formeel en temporeel opzicht van toepassing is, prevaleert boven artikel 4.6 BVIE (r.o. 3.4 van dat arrest). Uitgaande van deze opvatting is deze rechtbank internationaal bevoegd kennis te nemen van de vorderingen van City Box op grond van artikel 2 EEX-Vo omdat Boxaround in Nederland is gevestigd. De advertenties van Boxaround zijn gezien het adres van de website waarop zij verschijnen (www.google.nl) en de taal waarin zij zijn gesteld (Nederlands) (mede) gericht op Nederland zodat de gestelde inbreuk moet worden geacht mede in dit arrondissement te hebben plaatsgevonden. Derhalve is ook bij toepassing van artikel 4.6 BVIE de rechtbank te Den Haag internationaal en relatief bevoegd.

Nu Boxaround in haar onthoudingsverklaring de inbreuk niet heeft erkend, en zij slechts een geclausuleerd boetebeding heeft aanvaard, blijft de dreiging van verdere inbreuk op de rechten van City Box bestaan. Immers, niet in geschil is dat het door Boxaround getekende boetebeding beperkt is in die zin dat overtredingen door derden die in opdracht van Boxaround werken daardoor niet worden bestreken als Boxaround niet uitdrukkelijk opdracht heeft gegeven voor het gebruik van de City Box-merken of daarmee overeenstemmende tekens. Met City Box acht de rechtbank een dergelijke beperkte boeteclausule niet adequaat om de dreiging van inbreuk door het gebruik van de City Box-merken als advertising keyword weg te nemen, mede in het licht van het ontbreken van een erkenning van de inbreuk. De conclusie is dat de inbreuk op de City Box-merken door het gebruik in advertenties en als advertising keyword nog steeds dreigt.

Aan het voorgaande doet niet af dat Boxaround niet bewust merkinbreuk zou hebben gepleegd, dat Boxaround inmiddels een andere partij heeft ingeschakeld om haar internetmarketing te verzorgen, en dat er geen sprake zou zijn van een counterfeit-situatie. Deze omstandigheden, hoewel niet betwist door City Box, geven City Box als merkhouder niet dezelfde mate van zekerheid als een onthoudingsverklaring met een adequaat boetebeding.

Categorieën: Merkenrecht, Metatags-keywords-AdWords

Tags: , , , , , ,