Rechtbank Gelderland 13 maart 2018 (verkrachtingsvideo’s), ECLI:NL:RBGEL:2018:1112

Rechtbank Gelderland 13 maart 2018 (verkrachtingsvideo’s), ECLI:NL:RBGEL:2018:1112

Beroep tegen boete opgelegd door commissariaat voor de media wegens overtreding van artikel 4.6, tweede lid, van de Mediawet 2008.

Op de websites van eiseres zijn twee video’s aangetroffen, genaamd ‘Tiener door vier mannen verkracht’ en ‘Vastgebonden en gruwelijk verkracht’. De twee video’s werden zonder enige (technische) maatregel voor leeftijdsverificatie beschikbaar gesteld en speelden direct af bij het openen van de pagina. Volgens verweerder kunnen de twee video’s de lichamelijke, geestelijke of zedelijke ontwikkeling van personen jonger dan zestien jaar ernstige schade toebrengen.

In de samenwerkingsovereenkomsten met haar leveranciers heeft de rechtbank geen verplichting voor eiseres aangetroffen om alle door de leveranciers aangeboden materiaal op haar websites te plaatsen. Dat betekent dat eiseres vooraf ruimte heeft om het materiaal te selecteren. Zij kan ook besluiten om de video’s niet te plaatsen. Gebleken is dat eiseres de video’s zelf vooraf bekijkt om ze te kunnen rubriceren en tags te plaatsen. Verweerder heeft zich dan ook terecht op het standpunt gesteld dat eiseres effectieve controle kon uitoefenen over de keuze van het media-aanbod op haar websites. Eiseres draagt dus wel redactionele verantwoordelijkheid.

Het lex certa-beginsel verlangt van de wetgever dat hij zo duidelijk mogelijk de verboden gedragingen omschrijft. Dat komt de rechtszekerheid ten goede. Aan een zekere vaagheid in die omschrijving valt echter meestal niet te ontkomen. Dat is inherent aan vrijwel alle moderne wetgeving. Een zekere vaagheid is hier ook aan de orde. Het betreft de omschrijving in artikel 4.6, tweede lid, van de Mediawet 2008: “het ernstige schade zou kunnen toebrengen” en “de lichamelijke, geestelijke of zedelijke ontwikkeling van personen jonger dan zestien jaar”. Bij de toepassing van zo’n vage norm zal sprake zijn van een grijs gebied. In dat gebied is niet duidelijk of er nu wel of niet sprake is van een overtreding. Dat betekent op zichzelf nog niet dat een dergelijke wettelijke norm in strijd is met het lex certa-beginsel en daarom buiten toepassing moet blijven. Het betekent ook niet dat een dergelijke norm niet eerder mag worden toegepast dan nadat verweerder deze norm heeft verduidelijkt, bijvoorbeeld door zijn interpretatie te geven of door voorbeelden te geven van wat er wel onder valt en wat niet. Het is uiteindelijk de rechter die de vage norm uitlegt en beslist of een bepaald gedrag al dan niet onder de norm valt. Eiseres heeft twee video’s aangeboden op haar website, waarin acteurs op realistische wijze een verkrachting spelen, en waartoe iedereen (ook jongeren) direct toegang konden krijgen. Dit is een gedraging die duidelijk valt onder de norm van artikel 4.6, tweede lid, van de Mediawet 2008. Wat eiseres heeft gedaan valt niet in een grijs gebied. De norm van artikel 4.6, tweede lid, van de Mediawet 2008 is voldoende duidelijk en is daarom niet in strijd met het lex certa-beginsel. Verweerder heeft dan ook terecht eiseres een boete kunnen opleggen.

Categorieën: Bestuursrecht, Filmpjes op internet

Tags: , , , , ,