Rechtbank Limburg 8 oktober 2018 (Methode/Therapie), ECLI:NL:RBLIM:2018:9519

Rechtbank Limburg 8 oktober 2018 (Methode/Therapie), ECLI:NL:RBLIM:2018:9519

Geschil over regeling tussen partijen ter zake van het gebruik van de domeinnaam en handelsnaam van hun ondernemingen en het doen van negatieve uitlatingen over de (onderneming van de) ander.

Ter onderbouwing van zijn stelling heeft eiser verwezen naar een print screen die een pagina van Google bevat. Ter zitting heeft gedaagde gesteld dat het moeilijk is om iets dat op Google staat uit de geschiedenis van Google te verwijderen. Of en wanneer gedaagde met google contact heeft opgenomen om te bezien of het mogelijk is dit zoekresultaat te verwijderen, is door hem niet toegelicht. Dat het moeilijk kan zijn om de internethistorie te verwijderen is door partijen overigens wel onderkend. Volgens gedaagde blijkt uit zijn bijlagen bij productie 1, die dateren van na de dagvaarding, dat de domeinnaam is gewijzigd. Ook de gewraakte domeinnaam kan niet meer worden gevonden. Dit wordt door eiser ter zitting erkend. Op basis van de overgelegde gegevens is naar het oordeel van de voorzieningenrechter aannemelijk dat gedaagde voor het uitbrengen van de dagvaarding, daar waar het de domeinnaam betreft, nog niet volledig had voldaan aan de regeling van partijen, maar thans wel.

Door eiser wordt ter zitting niet ontkend dat gewraakte Twitter berichten nog geraadpleegd kunnen worden. Eiser heeft desgevraagd ter zitting aangegeven dat hij tot nu toe geen enkele poging heeft gedaan om deze berichten te verwijderen. Naar het oordeel van de voorzieningenrechter heeft te gelden dat deze berichten, ondanks het feit dat deze zijn geplaatst voorafgaand aan de regeling, nog als actueel hebben te gelden, nu deze nog steeds raadpleegbaar zijn. De Twitter berichten zijn naar het oordeel van de voorzieningenrechter in zoverre dan ook strijdig met de regeling, dat voorschrijft dat partijen zich van negatieve uitlatingen omtrent elkaars ondernemingen en bedrijfsvoering zullen onthouden.

Gedaagde heeft er naar het oordeel van de voorzieningenrechter nog steeds belang bij dat de berichten worden verwijderd. Hier doet niet aan af dat gedaagde enige tijd geleden heeft besloten zijn instituut stop te zetten, nu gedaagde in dit verband duidelijk heeft aangegeven dat hij, juist vanwege de negatieve associatie die hij had gekregen door de hele situatie met eiser , is gestopt en wanneer deze situatie is opgelost zijn instituut graag weer wil opstarten. De  voorzieningenrechter zal gelet op het voorgaande de vordering van gedaagde met als inhoud eiser te verbieden zich negatief uit te laten over hem en zijn onderneming, toewijzen.

Categorieën: Domeinnamenrecht, Twitter, Zoekmachine

Tags: , , , , ,