Rechtbank Midden-Nederland 10 maart 2020 (omgang met zoon), ECLI:NL:RBMNE:2020:900

Rechtbank Midden-Nederland 10 maart 2020 (omgang met zoon), ECLI:NL:RBMNE:2020:900

De voorzieningenrechter stelt vast dat de uitlating die gedaagde heeft gedaan alleen heeft gestaan op zijn eigen Facebook pagina. In deze eenmalige uitlating op Facebook en ook in door hem aan eiseres gerichte Whatsapp-berichten beklaagt gedaagde zich erover dat eiseres hem het recht op meer omgang met zijn zoon ontzegt. Die klacht is feitelijk niet onjuist.

Het Facebookbericht dat gedaagde heeft geplaatst raakt aan de privacy van eiseres, maar ook aan de privacy en het recht op gezinsleven van gedaagde zelf en dat van zijn zoon. De voorzieningenrechter is van oordeel dat gedaagde zijn visie op de situatie niet mag worden ontzegd. Ook niet het delen van die visie op zijn eigen Facebookpagina of via de WhatsApp. Hoewel gedaagde zich moet afvragen of het doen van uitlatingen op Facebook de juiste weg is om tot een oplossing te komen in deze voor zowel eiseres en gedaagde lastige en pijnlijke familierechtelijke kwestie acht de voorzieningenrechter de uitlatingen van gedaagde niet onrechtmatig.

Categorie├źn: Onrechtmatige uitingen (privaatrechtelijk), Vrijheid van meningsuiting

Tags: , , , ,