Rechtbank Midden-Nederland 24 februari 2017 (marktplaats-idfraude), ECLI:NL:RBMNE:2017:904

Rechtbank Midden-Nederland 24 februari 2017 (marktplaats-idfraude), ECLI:NL:RBMNE:2017:904

Verdachte heeft zich op grote schaal schuldig gemaakt aan internetoplichting. Het principe van Marktplaats is mede gebaseerd op het wederzijds vertrouwen tussen koper en verkoper en kan alleen op basis van dit onderling vertrouwen functioneren. Verdachte heeft met zijn handelen schade aan dit vertrouwen en financiële schade aan de slachtoffers toegebracht.

Daarnaast heeft verdachte fors misbruik gemaakt van, met name, de identiteitsgegevens van A en B. Uit het dossier als ook uit de door hen opgestelde e-mailberichten blijkt dat zij hierdoor veel hinder hebben ondervonden en veel tijd kwijt zijn geweest aan het zuiveren van hun naam.

Een gevangenisstraf van 18 maanden is passend en geboden. De rechtbank zal hierbij, voor verdachte als waarschuwing en als stok achter de deur om zich niet weer met dergelijke praktijken in te laten, een gedeelte van zes maanden voorwaardelijk opleggen, alsmede de bijzondere voorwaarden zoals door de reclassering geadviseerd, minus de voorwaarde “verbod op gebruik van aankoop- en verkoopwebsites”. De rechtbank ziet niet hoe de reclassering deze voorwaarde effectief zou kunnen handhaven. Daarnaast is door middel van de algemene voorwaarde van het niet plegen van strafbare feiten voldoende duidelijk dat verdachte zich ook niet meer dient in te laten met internetoplichting.

Om de ernst van de feiten te benadrukken zal de rechtbank verdachte daarnaast een werkstraf opleggen voor de maximale duur van 240 uur.

Categorieën: Identiteitsfraude, Online veilingen-marktplaats, Oplichting

Tags: , , , , , , ,