Rechtbank Noord-Holland 29 oktober 2014 (woonverzekering), ECLI:NL:RBNHO:2014:9955

Rechtbank Noord-Holland 29 oktober 2014 (woonverzekering), ECLI:NL:RBNHO:2014:9955

Achmea heeft het verweer van gedaagde dat zij geen overeenkomst heeft gesloten, weersproken door een printscreen over te leggen. Achmea blijft bij haar standpunt dat gedaagde de gegevens zelf heeft ingevuld, ondanks de kennelijke verschrijving van de initialen van gedaagde, zodat, aldus Achmea, wel degelijk een overeenkomst tot stand is gekomen. Verder stelt Achmea dat zij de polisbescheiden nooit heeft terugontvangen.

Nu Achmea zich beroept op de rechtsgevolgen van de overeenkomst, waarvan het bestaan door gedaagde gemotiveerd wordt betwist, dient zij de totstandkoming ervan te bewijzen. Het uitsluitend in het geding brengen van een printscreen met algemene gegevens en bovendien verkeerde initialen, is, mede gelet op het verweer van gedaagde, onvoldoende om aan te nemen dat gedaagde zélf de aanvraag heeft ingediend en daarmee het aanbod van Achmea via internet heeft aanvaard en dat een overeenkomst tussen partijen tot stand is gekomen. Niet uitgesloten kan worden dat, zoals gedaagde heeft gesteld, de aanvraag door een derde is ingevuld buiten medeweten van gedaagde om. Een handtekening op een aanvraag of overeenkomst is gewoonlijk een belangrijke aanwijzing voor het bestaan van een contract. De omstandigheid dat een handtekening van de aanvrager in dit geval niet aanwezig is, moet voor risico van Achmea komen. Derhalve is onvoldoende komen vast te staan dat de overeenkomst waarop Achmea zich beroept, bestaat, zodat de vordering moet worden afgewezen.

Categorieën: E-commerce

Tags: , , , ,