Rechtbank Oost-Brabant 17 februari 2017 (2 paar schoenen en 1 trui), ECLI:NL:RBOBR:2017:814

Rechtbank Oost-Brabant 17 februari 2017 (2 paar schoenen en 1 trui), ECLI:NL:RBOBR:2017:814

De rechtbank stelt voorop dat het naar vaste rechtspraak van de CRvB (onder meer de uitspraak van 10 juni 2014, ECLI:NL:CRVB:2014:1968) voor ontvangers van bijstand niet verboden is goederen via internet te verkopen, mits daarvan en van de daaruit verkregen verdiensten tijdig melding wordt gemaakt aan het bijstandsverlenende orgaan. De opbrengst van incidentele verkoop van privégoederen, al dan niet via internet, wordt in het algemeen niet als inkomen aangemerkt, zodat daarvan in beginsel geen mededeling hoeft te worden gedaan.

Naar het oordeel van de rechtbank heeft eiseres in dat verband terecht naar voren gebracht dat verweerder ter schatting van de verworven inkomsten aansluiting had kunnen zoeken bij de vraagprijzen voor de op Marktplaats aangeboden artikelen. Het uitgangspunt dat op Marktplaats niet meer wordt geboden dan de vraagprijs is immers doorgaans juist, en de rechtbank ziet geen reden om te veronderstellen dat dat in de door eiseres aangeboden goederen anders is. De vraagprijs van de verkochte artikelen zou dus – overeenkomstig voornoemde uitspraak van de CRvB – kunnen worden genomen als het maximale inkomen dat eiseres zal hebben genoten om het recht op bijstand schattenderwijs vast te stellen.

Categorieën: Online veilingen-marktplaats, Sociaal zekerheidsrecht

Tags: , , , , ,