Rechtbank ‘s-Gravenhage 20 december 2010 (Tempur vs. Energy ), IEPT20101220



Rechtbank ‘s-Gravenhage 20 december 2010 (Tempur vs. Energy ), IEPT20101220


Naar voorlopig oordeel heeft Energy op zich terecht aangevoerd dat de advertenties die verschijnen na invoering van de adwords moeten worden aangemerkt als vergelijkende reclame in de zin van art. 6:194a lid 1 BW. De advertenties van Energy zijn immers een vorm van reclame waarin het Gemeenschapsmerk TEMPuR, en daarmee Tempur en de TEMPUR-producten, in ieder geval impliciet worden genoemd. De advertenties verschijnen na invoering van de adwords als zoekterm en worden weergegeven op een scherm waarop die adwords ook nog te zien zijn. Gelet daarop moet worden aangenomen dat de gemiddelde consument een verband zal leggen tussen de advertenties en de adwords.


Dat er sprake is van vergelijkende reclame brengt mee dat Tempur zich niet op grond van haar merkrechten kan verzetten tegen die reclame voor zover de reclame voldoet aan de in artikel 6:194a lid 2 BW genoemde voorwaarden. Voorshands moet worden aangenomen dat het einkele feit dat na invoering van de adwords een advertentie van Energy verschijnt, geen oneerlijk voordeel in de zin van art. 6:194a lid 2 sub g oplevert en daarmee ook geen ongerechtvaardigd voordeel in de zin van artikel 9 lid 1 sub c GMVo.


Naar voorlopig oordeel is het gebruik van merken als adwords noodzakelijk voor een doeltreffende reclame op internet. Vergelijkende reclame kan namelijk alleen doeltreffend zijn als de reclame het publiek bereikt dat primair geïnteresseerd is in de producten van een concurrent. Juist dat kan worden bewerkstelligd door een merk van een concurrent als adwords te gebruiken.


Echter de advertenties van Energy maken geen, althans geen duidelijk onderscheid tussen de producten van Tempur en energy , daarom voldoen zij niet aan de voorwaarden voor een rechtmatige vergelijkende reclame en merkgebruik.


Categorie├źn: Maatman, Metatags-keywords-AdWords, nocategory, Reclame

Tags: , , , ,