Rechtbank ’s-Gravenhage 5 maart 2013 (bommelding), LJN BZ3281 (ECLI:NL:RBDHA:2013:BZ3281)



Rechtbank ’s-Gravenhage 5 maart 2013 (bommelding), ECLI:NL:RBDHA:2013:BZ3281, LJN BZ3281

Voor zover relevant voor internetrecht: Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan laster, smaadschrift, belaging, belediging van meerdere personen, opruiing en belediging van een groep mensen. Dit heeft verdachte gedaan door het plaatsen van verschillende artikelen op zijn website, waarvan de inhoud dusdanig kwetsend is en de genoemde uitlatingen van verdachte vernederend zijn voor degene tegen wie ze gericht zijn, terwijl het niet mogelijk is zich hier tegen te verdedigen op basis van argumenten. Hierbij is van belang ‘de aard, de duur, de frequentie en de intensiteit’ van de gedragingen. Ook van belang is onder welke omstandigheden deze gedragingen plaatsvonden en wat hun invloed is geweest op het persoonlijke leven en de persoonlijke vrijheid van het slachtoffer. De rechtbank overweegt nog dat in de huidige samenleving het internet niet meer is weg te denken. Publicaties op het internet zijn dan ook door velen op eenvoudige wijze te raadplegen en te gebruiken. De gevolgen kunnen verstrekkend zijn. Verwijzingen naar publicaties op internet blijven tot in lengte van jaren te raadplegen. Volgt veroordeling tot 345 dagen gevangenisstraf, waarvan 240 dagen voorwaardelijk.


Categorieën: Belediging (strafrecht), Discriminatie, haat opruiïng, nocategory, Smaadschrift, Uitingsdelicten

Tags: , , , , , , , , , , , , , , ,