Rechtbank ‘s-Gravenhage zittingsplaats Utrecht 21 februari 2012 (bekeerde Iraniër), LJN BV7160 (ECLI:NL:RBSGR:2012:BV7160)



Rechtbank ‘s-Gravenhage zittingsplaats Utrecht 21 februari 2012 (bekeerde Iraniër), ECLI:NL:RBSGR:2012:BV7160, LJN BV7160


Eiser heeft aan zijn nu voorliggende asielaanvraag ten grondslag gelegd dat hij als gevolg van zijn bekeringsactiviteiten bij terugkeer naar Iran vreest voor vervolging of een behandeling in strijd met artikel 3 van het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden (EVRM). Verzoeker houdt een eigen weblog bij en evangeliseert door middel van preken op internet.


De Rechtbank is van oordeel dat het door de minister voor Immigratie, Integratie en Asiel gevoerde beleid niet onredelijk is.


De in ambstberichten weergegeven informatie geeft er blijk van dat tot het christendom bekeerde moslims bij terugkeer naar Iran problemen kunnen ondervinden ten aanzien van de uitoefening van het christelijk geloof, met name indien zij daar moslims trachten te bekeren tot het christendom. Van deze bekeerlingen mag worden verwacht dat zij zich terughoudend opstellen wat betreft het verrichten van bekeringsactiviteiten, teneinde de problemen die zij als gevolg daarvan mogelijk zullen ondervinden te vermijden. Dat zij, door in zoverre terughoudendheid te betrachten, het christelijk geloof in Iran wellicht niet op dezelfde wijze kunnen uitoefenen als in Nederland, betekent nog niet dat zij bij hun geloofsuitoefening zodanig ernstige beperkingen ondervinden dat zij reeds vanwege de door hen gevreesde problemen bij het ontplooien van voormelde activiteiten in aanmerking komen voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd krachtens artikel 29, eerste lid, aanhef en onder b, van de Vw 2000.


Categorieën: nocategory, Vreemdelingenrecht, Weblog

Tags: , , , , , ,