Voorzieningenrechter ’s-Hertogenbosch 16 juni 2010 (criminele advocaten), LJN BM7956 (ECLI:NL:RBSHE:2010:BM7956)



Voorzieningenrechter ’s-Hertogenbosch 16 juni 2010 (criminele advocaten), ECLI:NL:RBSHE:2010:BM7956, LJN
**BM7956**

Belangenafweging tussen vrijheid van meningsuiting en het recht om niet in eer en goede naam te worden aangetast. Omstandigheden die van belang zijn:


Ten eerste is de aard van de uitlatingen en de ernst van de voor eisers te verwachten gevolgen van belang. De uitlatingen bevatten bewoordingen over eisers die zeer negatief zijn. De voorzieningenrechter noemt in dit kader de volgende, in de dagvaarding opgenomen, bewoordingen: ‘criminele advocaten’, ‘corrupte advocatenfirma’, ‘criminele kompanen’, ‘corrupte praktijken’, ‘moedwillig gebruik te maken van stromannen en vervalste verklaringen’, ‘Belastingdienst en curatoren op te lichten’, ‘criminele activiteiten’, ‘meedoen bij plegen van misdrijven’, ‘maakt te pas en te onpas gebruik van bedreigingen en erger’, ‘misleid en opgelicht’, ‘afgeperste cliënt van uw kantoor’, ‘als voorzitter van de maffiamaatschap’, ‘veroordeeld voor het plegen van fraude’, ‘grove / omvangrijke fraudes’, ‘ensceneren van zware intimidaties’, ‘feitelijk aangetoonde corruptie en schending van briefgeheim’, ‘misdrijf waarbij uw kantoor betrokken is’, ‘verduistert’ en ‘financieel criminele banden’.
Deze bewoordingen zijn door gedaagde sub 2 niet door feiten gestaafd en suggereren dat eisers in strafrechtelijke procedures veroordeeld althans verwikkeld zijn. Voldoende aannemelijk is dat dergelijke kwalificaties ernstige gevolgen (kunnen) hebben voor de beroepsuitoefening van eisers 2 tot en met 8 als advocaat en voor de reputatie van de maatschap.
Ten tweede wordt de ernst van de misstanden welke de uitlatingen aan de kaak beogen te stellen meegewogen en de mate waarin de beschuldigingen ten tijde van de uitlatingen steun vonden in het toen beschikbare feiten materiaal.
Tot slot wordt het gedrag van benadeelden meegewogen en de omstandigheid dat de uitlatingen op het internet zijn gedaan. Uit de door eisers overgelegde stukken blijkt genoegzaam dat, wanneer men op internet zoekt naar informatie over de maatschap, vele zoekresultaten voeren naar de uitlatingen op de website “domeinnaam”. Dat eisers in de gelegenheid zijn gesteld een reactie te geven op de geplaatste brieven, is naar het voorlopig oordeel van de voorzieningenrechter onvoldoende om de conclusie te kunnen rechtvaardigen dat daarmee het onrechtmatige karakter aan de uitlatingen is komen te ontvallen.


Categorieën: nocategory, Onrechtmatige uitingen (privaatrechtelijk), Vrijheid van meningsuiting

Tags: , , , ,