Voorzieningenrechter Zwolle 1 juni 2011 (Chip4power), LJN BT6480 (ECLI:NL:RBZLY:2011:BT6480)



Voorzieningenrechter Zwolle 1 juni 2011 (Chip4power), ECLI:NL:RBZLY:2011:BT6480, LJN BT6480


Kernvraag is of partijen een overeenkomst hebben gesloten op grond waarvan eiser de domeinnaam aan gedaagde heeft verkocht. In de tussen partijen inmiddels aanhangige bodemprocedure zal het gedaagde zijn die bewijs opgedragen zal krijgen van de echtheid van de verklaring van 20 februari 2010. Nu eiser uitdrukkelijk heeft betwist dat hij zijn handtekening onder de verklaring heeft geplaatst, is artikel 159 Rv van toepassing, zodat (de kopie van) de akte zoals gedaagde die tot op heden heeft overgelegd geen bewijs oplevert van het bestaan van de door gedaagde gestelde overeenkomst. Het voorgaande leidt ertoe dat totdat in rechte is komen vast te staan dat eiser en gedaagde een overeenkomst hebben gesloten op grond waarvan eiser de eigendom van de domeinnaam aan gedaagde heeft overgedragen, de voorzieningenrechter gedaagde veroordeelt het gebruik van de domeinnaam en het e-mailadres te staken. nu de voorzieningenrechter heeft geoordeeld dat gedaagde het gebruik van de domeinnaam en het e-mailadres voorlopig moet staken, heeft gedaagde ook geen baat bij het op zijn naam houden daarvan. Gezien deze overweging en daarbij in aanmerking genomen dat het in de risicosfeer van gedaagde ligt dat hij het origineel van de verklaring niet boven tafel kan krijgen, zal de voorzieningenrechter het gevorderde voorlopig toewijzen. De voorzieningenrechter veroordeelt gedaagde de domeinnaam en het e-mailadres terug op naam van eiser te stellen, althans te bevorderen dat deze op naam van eiser komen te staan.


Categorie├źn: Burgerlijk procesrecht, Domeinnamenrecht, nocategory

Tags: , , , , ,